Hoogtepunten: Endallah, Ngorongoro Krater, Serengeti Nationaal Park (Seronera en Lobo), het Natron Meer, Ol Doinyo Lengai, de Masai en de Bosjesmannen, Lake Manyara Nationaal Park
Dag 1: Arusha
We pikken je op in Kilimanjaro Airport (voor wie rechtstreeks vliegt) of in Arusha aan de busterminal (voor wie met de bus vanuit Nairobi komt). De rest van de dag spenderen we in Arusha om enkele praktische zaken te regelen (geld wisselen, stock inslaan) en de stad te verkennen. Het avondmaal nuttigen we in een gezellige Indische straatbarbecue in het centrum van de stad.
Overnachting: Arusha guesthouse – middag- en avondmaal
Dag 2: Kennismaking met Endallah
Na het ontbijt vertrekken we meteen richting Endallah. Onderweg pauzeren we kort in Mto wa Mbu, een bruisende handelsnederzetting aan de voet van de Great Rift. Vooraleer we de asfaltweg verlaten en de afslag naar Endallah nemen, trakteren we je boven op de Great Rift nog op een schitterend zicht over Lake Manyara Nationaal Park. Na het middagmaal bij de gastfamilie trekken we het dorp in waar we o.a. een bezoekje brengen aan de school, het dispensarium, de steenbakkerij en de plaatselijke kroeg. We nemen je ook mee naar een traditionele hut. Na het avondmaal kan je nog wat nakaarten bij een vuurtje om vervolgens in slaap te soezen omringd door de geluiden van de Afrikaanse nacht.
Overnachting: Endallah gastfamilie – vol pension
Dag 3: Lake Manyara Nationaal Park
Na een vroeg ontbijt dalen we de Great Rift af tot aan de inkom van Lake Manyara Nationaal Park. We maken ons op voor een volledige dag safari. Lake Manyara Nationaal Park is dankzij zijn tropische vegetatie, het meer en de spectaculaire Great Rift op de achtergrond, zonder twijfel één van de mooiste parken van het Noordelijke circuit. Het park is vooral bekend om zijn boomklimmende leeuwen (je hebt wel een portie geluk nodig om ze te zien), maar biedt heel wat meer: een uitgebreid assortiment aan kleurrijke vogels en roofvogels, 3 apensoorten, zeer benaderbare olifanten en giraffen, een nijlpaardenpoel, buffels, antilopen en een goede kans om de schuwe bosbok en klipspringer te ontdekken. En met een scherpe blik ontwaar je ongetwijfeld ook de grote Nijlvaraan aan een kabbelend beekje. Dieper in het park ligt de heetwaterbron, traditioneel een trekpleister voor grote kolonies flamingo’s. Na de safari keren we terug naar Endallah waar we nakaarten aan het kampvuurtje.
Overnachting: Endallah gastfamilie – vol pension
Dag 4: Bezoek aan de bananenplantage
Vandaag trekken we onze wandelschoenen aan voor een stevige wandeling door het woud. We volgen vooral geitenpaadjes en de rivierbedding, met een korte maar steile klim op het eind. Een degelijke conditie is vereist (voor diegenen met een minder goede conditie zorgen we voor een alternatief). Tijdens deze wandeling bezoek je een kleine plantage met naast allerlei soorten bananen een grote verscheidenheid aan andere tropische vruchten en groenten. We volgen daarna de rivier (waarbij enig klauterwerk niet uitgesloten is), passeren een verlaten hyena hol en verlaten de rivierbedding aan een 6 meter hoge waterval die meestal droog staat. Onderweg hopen we Nijlvaranen en aapjes te zien, naast de vele sporen van onder meer bosbok, bavianen, genetkat en zelfs luipaard. Na deze vermoeiende maar prachtige wandeling gebruiken we een laat middagmaal en is er tijd om op eigen houtje het dorp te verkennen. In de late namiddag maken we de korte verplaatsing naar Karatu waar we overnachten
Overnachting: Karatu guesthouse – vol pension
Dag 5: De Ngorongoro Krater
Na het ontbijt slaan we voldoende proviand in voor onze zesdaagse en zetten koers richting Ngorongoro Krater voor een hele dag safari. De Ngorongoro Krater of ‘Tuin van Eden’ herbergt een surrealistisch aantal dieren op een relatief kleine oppervlakte en wordt algemeen beschouwd als de beste plaats op aarde om enkele bedreigde diersoorten van dichtbij te aanschouwen. De Ngorongoro Krater is tevens de beste plek in Tanzania om één of meerder zwarte neushoorns te zien of om van dichtbij leeuwen te aanschouwen. Verder kruis je ongetwijfeld ook het pad van hyena’s, wrattenzwijnen, zebra’s, gnoes, buffels, verschillende antilopensoorten, nijlpaarden, olifanten enzovoort. Met een beetje geluk krijg je ook een jachtluipaard of serval in het vizier en met nog meer geluk zelfs een luipaard, wat de Big Five meteen compleet zou maken. In de late namiddag (picknicken doen we op de kraterbodem) verlaten we de krater en rijden we door een schitterend landschap getooid met Masai nederzettingen en hier en daar wat wild naar de missiepost van Endulen waar we de nacht doorbrengen. Dit Masai-hospitaaltje met gastenkamers ligt op bijna 2000 meter hoogte en garandeert je een koele en aangename nacht. ’s Nachts blijf je evenwel best in je kamer (met douche en WC) want hier neemt het wild het commando over.
Overnachting: Endulen Missiepost (Simba campsite indien volzet) – vol pension
Dag 6: Serengeti Nationaal Park - Seronera
Als het weer meezit (geen regen gedurende enkele dagen) nemen we vanuit Endulen een fantastische route binnendoor die via Ndutu naar de gate van Serengeti leidt (in het andere geval rijden we via de kraterrand). De opkomende zon, de eindeloze vlakten en het wild voor jou alleen,… Dit is het echte Out of Africa-gevoel! Zodra we de Serengeti binnenrijden gaan we op zoek naar de ‘grote katten’. Leeuwen, jachtluipaarden, maar vooral luipaarden zijn hier de toppers. Van februari tot en met april-mei is bovendien – en als alles meezit – ook de migratie in de buurt. Wie een beetje geluk heeft in de Serengeti zal in geen enkel ander park ter wereld ooit nog een vergelijkbare hoeveelheid en verscheidenheid aan dieren aanschouwen. De hoge wildconcentratie in combinatie met de schier eindeloze vlakten laten een indruk na voor het leven. Overnachten doen we in een tentje. Huilende hyena’s en leeuwengebrul vervangen vannacht de beste natuurdocumentaire. Voor wie liever tussen stenen muren slaapt boeken we tegen meerprijs een lodge nabij.
Overnachting: Seronera campsite (of lodge) – vol pension
Dag 7: Serengeti Nationaal Park - Lobo
Na een ochtendlijke game-drive langs de Seronera-rivier rijden we noordelijk richting Lobo. Onderweg houden we halt aan de Retima nijlpaardenpoel waar nijlpaarden vechten om een plaatsje in het modderbad en krokodillen zonnen op de hete rotsen. We slaan vervolgens onze tenten op in Lobo campsite (een stuk rustiger en minder bezocht dan Seronera) en vertrekken na de lunch voor een nieuwe game-drive. Lobo presenteert een totaal ander landschap met grote rotsformaties, glooiende heuvels en de slingerende Grumeti-rivier. Naast alle grote katten zijn ook topi’s, klipspringers en hartebeesten goed vertegenwoordigd in Lobo. Overnachten doen we opnieuw in een tentje of in de nabijgelegen Lobo Wildlife Lodge voor de liefhebbers (aan meerprijs).
Overnachting: Lobo campsite (of lodge) – vol pension
Dag 8: Lobo - Natron
Na een korte ochtendlijke game-drive verlaten we de Serengeti langs het westelijke Klein’s Gate. Van daar zetten we onze tocht verder richting Lake Natron. We doorkruisen Purko-gebied, een clan van de grotere Masai-stam die zich van de Kisongo-clan onderscheidt door haar iets frivolere kleding. In en rond Same zien we de Sonjo-stam, gezworen vijanden van de Masai en weinig toegankelijk. Ze dragen blauwe en gele tunieken en hebben meestal pijl en boog bij de hand. Vooraleer we de Great Rift weer afdalen richting Engare Sero, houden we halt bij een uitkijkpunt over Lake Natron. Het tafereel dat zich daar ontplooit valt met geen woorden te omschrijven. Het lila meer met miljoenen flamingo’s, het maanlandschap dat eraan voorafgaat, de dramatische bergketens op de achtergrond en de majestueuze vulkaan Ol Doinyo Lengai leveren een spectaculair totaalbeeld op dat met geen camera is te vatten. Bekomen van dit overdonderend zicht dalen we via 17 haarspeldbochten af naar het meer om uiteindelijk halt te houden aan de oever van de Engare Sero-rivier. Hier slaan we de tenten op te midden van een oase van groen en een oorverdovend concert van bijeneters en paradijsvogels. De lokale Masai zorgen voor drank, olielampjes en een verkwikkende douche.
Overnachting: Kamakia Waterfalls Campsite – vol pension
Dag 9: Het Natronmeer, de watervallen en Ol Doinyo Lengai
Vandaag staat er zoveel of zo weinig op het programma als je zelf wil. Na een rustig ontbijt in de schaduw van de vele bomen op de campsite kan je lekker luieren, een Masaidorp bezoeken, een korte wandeling naar de oever van het meer maken om er de flamingo’s gade te slaan of een avontuurlijke wandeling naar de watervallen maken voor een natuurlijke douche en verkwikkende zwempartij in een oogverblindende oase. Een Masai-gids is beschikbaar en zal je bij alles begeleiden behalve bij het luieren. Dit is een dagje pure ontspanning in een adembenemend decor. De echte avonturiers voor wie een dagje rustig aan doen een ware marteling is, kunnen zich tijdens de dag opmaken voor een nachtelijke beklimming van de vulkaan Ol Doinyo Lengai. Ol Doinyo Lengai of ‘De Berg van God’ is de woonplaats van de Masai-god Lengai. De beklimming is uitermate zwaar en steil, maar wie de top bereikt (ca. 6 uur klimmen en klauteren) mag een blik werpen in de vulkaankrater met gloeiende lava. Een wandelstok, een hoofdlamp, een fleece en stevige wandelschoenen volstaan voor de opdracht, maar wie niet over een beresterke conditie beschikt, begint er beter niet aan.
Overnachting: Kamakia Waterfalls Campsite – vol pension
Dag 10: Van het Natronmeer terug naar Endallah
Na een rustig ontbijt leggen we het laatste traject af van onze zesdaagse rondrit. Doorheen een adembenemend en woest landschap rijden we terug naar Endallah. Onderweg houden we nog even halt aan het ‘Shimu la Mungu’ oftewel de Krater van God en lunchen we in Mto wa Mbu. Van daar gaat het naar Endallah waar we terug intrek nemen bij onze gastfamilie.
Overnachting: Endallah gastfamilie – vol pension
Dag 11: Manyara uitkijkpunt en Masabeda wandeling
Opnieuw tijd voor een stevige wandeling! In de voormiddag volgen we de droge rivierbedding richting Masabeda om zo via de heuvels terug te keren naar ‘huis’. Het is een niet al te zware wandeling met mooie vergezichten over het dorp en, bij goed weer, de vlakte aan de voet van de Great Rift. Na de lunch is er tijd voor een siësta. Rond 15.00 uur start de tweede wandeling van de dag die ons naar rots op de rand van Lake Manyara Nationaal Park leidt. Wie te vermoeid is van de ochtendwandeling geraakt er ook met de jeep. De wandeling gaat door nagenoeg onbewoond gebied en telt één zeer steile, maar korte klim. Van op de rots aan het eind van de wandeling krijg je één van de mooiste uitzichten van Tanzania te zien. We proberen de rots te bereiken rond het zogenaamde ‘golden hour’, het uur voor zonsondergang dat bij fotografen erg in trek is omwille van de mooie intense kleuren. De liefhebbers keren terug te voet, de anderen met de jeep.
Overnachting: Endallah gastfamilie – vol pension
Dag 12: Het Eyasimeer en de bosjesmannen
Vandaag nemen we afscheid van Endallah en maken we ons op voor een ruwe en stoffige rit naar Mang’Ola aan het Eyasi Meer. Mang’Ola is bij de Tanzanianen bekend omwille van de ajuinenteelt maar herbergt ook de laatste 700 Bosjesmannen of Hadzabe.
Aangezien ze niet in een stenen huis in het dorp wonen, pikken we eerst een lokale gids op die ons naar de Bosjesmannen loodst. De Bosjesmannen leven nog grotendeels in het Stenen Tijdperk. De Hadzabe van Tanzania hebben nauwe banden met de San in Namibië en Botswana en leven net als hen van de jacht en het verzamelen van vruchten in het woud. Ze zijn klein van postuur, vertonen uiterlijke gelijkenissen met de pygmeeën en hoewel de korte broek inmiddels al zijn intrede heeft gedaan, zijn ze verder naakt. De Bosjesmannen nemen je mee op een korte demonstratiejacht, leren je omgaan met pijl en boog en tonen hoe je vuur kan maken met hout. Ze nodigen je uit ten dans of voor een pijp ‘zwaren toebak’. Na ons bezoek aan de Bosjesmannen bezoeken we ook nog de Barabaig indien zij zich in de buurt bevinden (beide stammen zijn nomaden). Deze zeer traditionele stam heeft qua levensstijl en klederdracht enige raakpunten met de masai (hun grootste vijanden overigens) maar onderscheidt zich door vriendelijkheid, prachtige juwelen en oog tatoeages. De Barabaig leven in kleine gemeenschappen en blijven zelden langer dan 6 maanden op dezelfde plaats. Ze wonen in hutten, leven van de veeteelt en zijn één van de weinige stammen waarop missionarissen weinig of geen invloed hebben kunnen uitoefenen. In de late namiddag keren we terug naar Karatu, waar we ook overnachten.
Overnachting: Karatu guesthouse – vol pension
Dag 13: Afscheid
Na het ontbijt keren we terug naar Arusha. Wie na het middaguur een vlucht heeft, trakteren we nog op een lunch in Kilimanjaro Airport, van de anderen nemen we eerder afscheid. Eerst maken we echter nog een afspraak voor volgend jaar, want terugkomen doe je gegarandeerd!